donderdag 17 juli 2014

Woeste knoest van Edwin Klaasen




Ik ben weer helemaal van het zuurdesem, zo erg zelfs dat er twee soorten in de koelkast staan.
Een pot met tarwedesem en een pot met roggedesem.
De tarwedesem had ik gemaakt volgens recept van Paul Hollywood. Door een deel van dat desem met roggemeel te voeden hebben we nu ook roggedesem.
Voor veel recepten worden beide desems gebruikt, soms alleen rogge- en soms alleen tarwedesem. Nu kan ik alle kanten op.

Eerder heb ik het honingdesembrood gemaakt nu de woeste knoest. Je moet drie dagen van tevoren al bedenken dat je dit brood wilt maken, omdat er een roggepasta in gaat welke drie dagen moet fermenteren. Op de bakdag zelf ben je 7 uur verder voordat je brood klaar is. Het is niet eens zo heel veel werk, het rijzen duurt gewoon erg lang.
Maar als het brood eenmaal uit de oven komt dan zie je waar je het voor gedaan hebt. 
Super lekker eigengemaakt desembrood.

Hier kun je heel goed zien hoe Edwin Klaasen deze woeste knoest maakt.

 


Ingrediënten:

480 g tarwebloem
60 g volkorentarwemeel
60 g roggemeel
13.2 g zout
150 g roggedesem
180 g roggepasta
420 g water


Bereidingswijze roggepasta:

Begin drie dagen van te voren met het maken van de roggepasta.
90 g roggekorrels
90 g roggedesem
Meng de roggekorrels door de roggedesem en zet dit 3 dagen weg op kamertemperatuur.
Zorg ervoor dat het mengsel voordat je het bij je deeg doet 
26 °C. is.



Bereidingswijze brooddeeg:

Doe alle ingrediënten in de kom van keukenmachine en kneed dit 12 minuten.
Doe het deeg over in een licht met olie ingevette kom en laat dit 30 minuten rijzen bij een temperatuur van 29 °C. Dit wordt een bulkrijs genoemd.

Verdeel het deeg in twee gelijke stukken en bol ze mooi op. Dit kun je heel goed op het filmpje zien.
Laat deze bollen nu 90 minuten onder een bebloemde theedoek rijzen bij een temperatuur van 29 °C. Dit wordt de voorrijs genoemd.

Nu moet je het deeg opmaken voor een laatste rijs. Druk de bollen met vlakke hand plat en rol het naar je toe op.
Draai het deeg nu een kwart slag en druk het weer plat, rol het weer op.
Bol het deeg nu tussen de zijkanten van je handen tot je een mooie bol hebt.
Bestuif je rijsmandje met roggebloem en leg je deegbol erin, met de naad naar beneden. Dit wordt straks de bovenkant van je brood. Leg er een theedoek over.

Laat het deeg nu 3 tot 4 uur rijzen bij een temperatuur van 30-31 °C.
Verwarm de oven voor op 220 °C. het liefst met een pizzasteen.
Kiep de deegbollen uit de rijsmandjes op de hete steen en bak ze ca. 30
minuten.


Het liefst met stoom, dit kun je enigszins creëren door onder in de oven een braadslee of bakblik mee te laten verwarmen. Als je het deeg in de oven zet giet dan gelijk een kopje water in de hete braadslee of bakblik.



dinsdag 15 juli 2014

Soep van snijbiet of spinazie




Soep is altijd lekker, en je kunt het van van alles maken. Als er een overschot van iets is of als er wat op moet, maak er maar soep van, ideaal voor mensen met een moestuin.
Nu een soepje van snijbiet, kan ook van spinazie, het recept is ook spinazie-rucolasoep.
Ik heb alleen snijbiet gebruikt.
De snijbiet in de tuin moest eraf, de laatste keer dan het gesneden kon worden. Niet meer zo mooi als eerdere keren maar nog prima te eten.
Van de helft heb ik deze soep gemaakt, lekker met de zachte gevulde Turkse broodjes.
Het recept komt uit: Eten met familie en vrienden van Sarah Raven.

Ingrediënten:

40 g boter
1 el olijfolie
1 middelgrote ui, fijngesneden
2 tenen knoflook, fijngesneden
350 g aardappelen, geschild en in blokjes
1 liter kippen- of groentebouillon
1 kg verse snijbiet of spinazie, dikke stelen verwijderd, kleingesneden
250 g crème fraîche, plus wat extra om erdoor te roeren
versgeraspte nootmuskaat naar smaak
zout en zwarte peper
  

Bereidingswijze:

Verhit de boter met de olijfolie in een grote pan en smoor hierin de ui circa 5 minuten op laag vuur zonder deze te laten kleuren.
Voeg de aardappelblokjes en de bouillon toe en breng aan de kook. Kook de aardappelblokjes onafgedekt beetgaar.
Doe er 800 gram van de snijbiet of spinazie door en laat de soep ca. 5 minuten afkoelen. Doe er dan de rest van de snijbiet of spinazie bij (zo blijft de soep mooi helder groen). Schenk de soep in een keukenmachine of blender en pureer hem mooi glad.
Ik heb de snijbiet eerst even een paar minuten gestoomd, deze erbij gedaan, iets af laten koelen en in de blender gepureerd.
Giet de soep terug in de pan, roer de crème fraîche en nootmuskaat naar smaak erdoor. Verwarm de soep maar laat deze niet meer koken. Breng op smaak met zout en peper .




zaterdag 12 juli 2014

Tompouce of tompoes met een oranje tintje






Wie jarig is moet trakteren..... dus dan doen we dat ook maar.
Het leek me wel leuk om iets in de oranje sfeer te bakken, ervan uitgaande dat Oranje morgen wel in de finale zou staan... helaas het liep wat anders. 
Niet dat we nou zo van het voetbal zijn maar toch.....

Vroeger was ik wel helemaal voetbal, er hing er zelfs een voetballer boven mijn bed. Ik heb zelf ook jaren gevoetbald, in een ver verleden....
Nu dus niet meer, Evert houdt er helemaal niet van en ik ben daar eigenlijk in mee gegaan. We hebben dan ook geen wedstrijd gezien, vaak alleen het laatste kwartiertje, net genoeg om op de hoogte te blijven.

Ik heb dus getracht om oranje tompoezen te maken, het bladerdeeg is gewoon gekocht, je kent ze vast wel, de vierkante plakjes van Koopmans.
De banketbakkersroom komt uit het boek De Banketbakker van Cees Holtkamp Voor het glazuur heb ik nog gezocht voor oranje kleurstof maar dat was, hoe kan het anders, uitverkocht.
Dan maar kleuren met een beetje limonadesiroop, het geeft niet de kleur die ik in mijn hoofd had maar het gaat om het idee.

Ingrediënten voor 12 tompoezen:

6 plakjes bladerdeeg

Banketbakkersroom:

500 gram volle melk
100 gram suiker
½ vanillestokje
45 gram custardpoeder
2 eidooiers
mespuntje zout

Glazuur:

100 gram poedersuiker, gezeefd
20 gram water of limonadesiroop

Werkwijze:

Laat de bladerdeegplakjes ontdooien op een bakplaat en haal het plastic folie eraf. Prik de plakjes in met een vork.
Verwarm de oven voor op 180 °C. en bak de plakjes bladerdeeg 20 minuten. Verlaag dan de temperatuur naar 150 °C. en bak ze nog 10 minuten tot ze mooi goudbruin zijn.
Laat het bladerdeeg afkoelen op een rooster.

Banketbakkersroom:
Snijd het halve vanillestokje open, schraap het merg eruit en voeg het stokje plus het vanillemerg toe aan 450 gram melk en 50 gram suiker, breng dit aan de kook. Verwijder het vanillestokje als de melk kookt.
Roer de overige melk, suiker, custardpoeder, eidooiers en het zout door elkaar tot een glad papje.
Giet een beetje hete melk bij het custard papje en roer het goed door elkaar.
Giet dit mengsel bij de hete melk. Laat de gele room op laag vuur, onder voortdurend roeren twee minuten zachtjes koken.
Laat de room afgedekt met een stukje huishoudfolie afkoelen, zo voorkom je dat er een vel opkomt.

Glazuur:
Meng de poedersuiker met het water of limonadesiroop tot een glad papje.
Dit moet eigenlijk fondant zijn maar daar heb je blanke siroop voor nodig en dat hebben we niet in huis.
Strijk het glazuur over de helft van het bladerdeeg en snijd ze door de midden.
Snijd de andere helft van de bladerdeeg ook doormidden. Doe de gele room in een spuitzak en spuit deze over de andere helft van het bladerdeeg.

Leg het geglazuurde bladerdeeg op de room en klaar is je tompouce.





donderdag 10 juli 2014

Zuurdesembrood van Paul Hollywood




Sinds Evert ook met broodbakken bezig is schiet het er bij mij een beetje bij in.
Voorheen was het bijna alle weken raak, er 'moest' weer brood gebakken worden om mee naar het werk te nemen.
Nu neemt hij dat meestal voor zijn rekening en heb ik meer tijd voor andere baksels. Maar het brood kriebelt toch wel, daarom maar weer eens met zuurdesem aan de slag gegaan. Dat is iets waar Evert zich (nog) niet aan waagt.
Dit keer heb ik het zuurdesem uit het boek van Paul Hollywood gemaakt, een tarwedesem, gemaakt van bloem, water en een appel.
Voordat je desem klaar is om mee te kunnen bakken ben je bijna een week verder, nu de desem er eenmaal is, is het een kwestie van voeren en in de koelkast bewaren.
Je moet er wel even de tijd voor nemen maar dan heb je ook wel wat.
Lekker rustiek zuurdesembrood.
 


Ingrediënten:

750 g bloem
500 g zuurdesemstarter
15 g zout
350-450 g water
olijfolie om te kneden

Bereidingswijze:

Begin de middag van tevoren, het rijzen zal ongeveer 15-18 uur duren

Doe de bloem met de starter en het zout in een grote mengkom. Voeg er 350 ml water aan toe en meng het met je handen. Voeg meer water toe als dat nodig is, het moet een zacht grof deeg worden.
Vet je werkblad in met wat olijfolie en kneed hierop je deeg voor een minuut of 5-10 tot het mooi zacht en glad is.
Ik heb het 10 minuten gekneed met de KitchenAid.


Leg het deeg in een licht ingevette kom en bedek deze met een theedoek.
Laat het deeg zo 5 uur rijzen bij een temperatuur van 20-24 °C. In ieder geval niet kouder dan 15 °C. en niet warmer dan 25 °C. Of tot het twee keer zo groot geworden is.

Leg het deeg op een licht met bloem bestoven werkblad en vouw het herhaaldelijk naar binnen tot alle lucht eruit is gedrukt en het deeg soepel is.
Verdeel het deeg in tweeën en vorm van elk stuk een mooie bol voor een rond brood.
Leg de bollen in een bebloemd rijsmandje of  op een bebloemde plaat. Bestuif de bovenkant licht met bloem en doe er een plastic zak om, laat ze zo 10-13 uur rijzen bij 20-24 °C. Of tot het ten minste twee keer zo groot geworden is en terugveert als je er voorzichtig met je vinger op drukt.

Verwarm de oven voor op 200 °C. met daarin een bakplaat of een pizzasteen.
Kieper de broden uit de rijsmandjes op de steen of bakplaat en kerf de bovenkant flink in.
Zet de broden net onder het midden van de oven en bak ze 30-40 minuten tot het brood goudbruin is en hol klinkt als je op de onderkant klopt.
Laat de broden afkoelen op een rooster.

Hier nog een link naar youtube waar Paul Hollywood diverse broden bakt, het ziet zooooo makkelijk.......





maandag 7 juli 2014

Wat een mazzel....







Zes jaar geleden kwam er een poesje bij ons aanlopen, waarschijnlijk uit een auto gezet, dat is op zich niet zo heel bijzonder.
We hebben haar naar binnen gehaald en eten gegeven, ze sliep heerlijk op de bank waar ze het helemaal naar haar zin had. Het enige waar we ons wel wat zorgen om maakte was haar buik, die was toch wel wat dikker dan normaal. Na een bezoekje aan de dierenarts wisten we het zeker 'hoogzwanger'.




Nog geen week later is zij bevallen van een zesling. Als ervaren vroedvrouwen hebben wij haar bij de bevalling geholpen. Een moederpoes van amper een jaar oud met zes van die ukkies, dat kan nooit goed gaan. Ze had dan ook niet genoeg melk dus hebben wij de kleintjes bijgevoerd, eerst met een zonde en later, toen zij tanden kregen, met een spuitje. Alle dagen wegen en om de drie uur voeren, een heel gedoe, maar wat vonden we het leuk. Gelukkig hadden we net drie weken vakantie dus alle tijd....




Voor drie van de poesjes hebben we een heel goed huis gevonden, ook voor moederpoes is een nieuwe baasje gevonden. Wij konden haar niet houden, omdat zij gewend was naar buiten te gaan maar dat was een te groot risico.






De overige drie zijn bij ons gebleven, Donder, Dribbel en Dartel, onze drie D's. Twee mannen en een dame. Ze komen bijna niet buiten, dit omdat we in het verleden te veel poezen hebben verloren.
Als ze willen kunnen ze naar buiten in de achtertuin, deze is afgezet met gaas. Dat ze daar ook overheen kunnen springen hebben ze nog niet ontdekt, dat laten we maar zo.









Een paar weken geleden zaten ze met z'n drieën toch wel erg geboeid achter het gaas naar iets te kijken. Wat was nou het geval, er zat een jonge pimpelmees op nog geen twee meter afstand. Lekker in het zonnetje te dodderen, niet wetend wat voor gevaar er op de loer lag.
We hebben de drie D's maar even naar binnen gedaan, dit ging overigens zonder gemorrel, zo konden vader en moeder pimpelmees hun jong weer voeren.

Tja soms moet je een beetje mazzel hebben....


























zaterdag 5 juli 2014

Zachte gevulde Turkse broodjes




Als ik een recept tegenkom waar melk in wordt gebruikt bewaar ik deze heel vaak. We zijn geen melkdrinkers maar er staat wel altijd een fles melk in de koelkast. Ja je leest het goed, een fles, niks geen pak uit de super maar een fles volle melk rechtstreeks bij de boer van Berta III.
Super biologische melk en die giet je niet door de gootsteen. Soms is de liter zo op maar vaak blijf je met nog een halve of kwart liter zitten. Daarom zijn recepten zoals deze altijd welkom.

Het recept voor deze broodjes las ik op de blog 'Mijn mixed kitchen' een heel gevarieerde blog heel veel recepten uit de Turkse keuken. Heerlijke zachte broodjes die binnen een uur op tafel staan stond erbij, wie wil dat nou niet!
En een halve liter melk is er nodig, helemaal goed.

Toen ik de broodjes wilde gaan maken en het nog eens wat beter door las zag ik dat het recept voor 48 broodjes was, dat is voor ons tweeën wel een beetje veel. Ik heb het recept gehalveerd. Ook heb ik gedroogde gist gebruikt en ik heb ze toch even laten rijzen, maar dat hoeft niet.
Voor de vulling kun je van alles nemen, ik heb de helft met rozijnen gedaan en de andere helft met feta.
Het resultaat, heerlijke zachte broodjes, een halve liter melk op en ook nog twee eiwitten die ik eerder had ingevroren.

Ingrediënten (voor 24 stuks)

500 g bloem
12 g gedroogde gist
12 g zout
1 tl suiker
250 ml melk
0.75 ml zonnebloemolie
2 eiwitten, losgeklopt

Om te bestrijken eigeel of een beetje melk
sesam- of nigellazaad om mee te bestrooien
vulling naar keuze

Bereidingswijze:

Doe de bloem, gist, suiker en de melk en een kom en mix dit door elkaar. Voeg het zout en de eiwitten toe en giet er zoveel olie bij tot je een mooi soepel deeg hebt. Kneed het deeg een minuut of 6. Laat het deeg zo afgedekt een half uurtje staan.
Maak ondertussen de vulling, dat kan geprakte feta of geitenkaas zijn gemengd met peterselie of basilicum. Maar ook kun je voor iets zoets kiezen als rozijnen of stukjes abrikoos. 



Verdeel het deeg is zes gelijke stukken en maak van ieder stuk een bol. Rol een bol uit op een licht bebloemd oppervlak tot een cirkel van ca. 3 mm dikte. Snijd hier acht punten van.
Neem een punt en leg wat van de vulling aan de breedste kant en rol deze op tot een soort croissant.
Maak zo alle broodjes.







Leg de broodjes op een met bakpapier bekleedde bakplaat, bestrijk ze met melk of losgeklopt eidooier en bestrooi met sesam- of nigellazaad.
Je kunt ze nu nog een half uurtje laten rijzen maar het hoeft niet.
Verwarm de oven voor op 180° C. en bak ze ca. 30 minuten in het midden van de oven tot ze mooi goudbruin zijn.


donderdag 3 juli 2014

Linzen met gegrilde koolrabi




Weer koolrabi, dit keer niet rauw maar gegrild. Daar leent de groente zich ook heel goed voor.
Deze koolrabi komt weer bij De Lepelaar vandaan, de koolrabi in onze tuin is nog heel erg klein helaas.
Dit recept komt uit Veg en wordt daar Puy-linzen in een dressing genoemd. Je kunt dan ook varieren met diverse groente die je eraan toevoegt. Eerder heb ik er bietjes door gedaan, ook heel erg lekker.
Nu dus koolrabi, tomaat en een handje rucola, gelukkig toch nog iets uit eigen tuin.

Ingrediënten voor twee personen:

150 g puy-linzen
1 laurierblad
1/2  kleine ui
paar steeltjes peterselie (indien gewenst)
1 flinke koolrabi
ongeveer 75 g rucola
2 middelgrote tomaten, in partjes

Voor de dressing:

2 tl dijonmosterd
fijngeraspte schil van 1 citroen
2 el citroensap
120 ml koolzaad- of olijfolie
snufje suiker
zeezout en versgemalen zwarte peper

Bereidingswijze:

Verhit een grillpan op hoog vuur, deze moet goed heet zijn.
Schil de koolrabi en snijd deze in vieren. Snijd nu elke kwart in dunne plakjes. Doe de plakjes in een kom met een scheutje olijfolie, hussel de plakje om zodat ze allemaal voorzien zijn van olie.
Leg zoveel plakjes koolrabi in de grillpan tot de bodem bedekt is, ze mogen elkaar niet overlappen.
Gril de koolrabi aan beide zijde tot ze mooie grillstrepen hebben.
Herhaal dit tot alle koolrabi klaar is. Zet opzij.

Doe de linzen in een pan en voeg ruim water toe. Breng aan de kook en laat een minuut koken, giet af. Doe de linzen weer terug in de pan en giet er zoveel bouillon of water bij dat ze net onderstaan.
Voeg het laurierblad, knoflook en de peterselie toe en breng het aan de kook. Laat het ongeveer 30 minuten heel zachtjes koken tot ze gaar zijn maar niet stuk gekookt.

Maak intussen de dressing.
Doe alle ingrediënten in een leeg jampotje en schud tot de dressing een geheel is geworden.

Als de linzen klaar zijn, laat je ze goed uitlekken en gooi je de kruiden en ui weg. Roer er, terwijl ze nog warm zijn, ruim de helft van de dressing doorheen. Proef en breng eventueel op smaak met extra zout, peper, suiker en citroensap.

Meng de koolrabi door de linzen samen met de rucola en de tomaat en de rest van de dressing. Wij hadden er een stukje zalm bij, heerlijk.





dinsdag 1 juli 2014

Koolsalade op zijn Aziatisch






Wie kent het niet coleslaw, je kunt het in de super kopen in van die plastic bakjes, druipend van  de dressing. Je kunt het natuurlijk ook zelf maken, dan weet je wat je eet.
De 'gewone' koolsalade heb ik al eens op de blog gezet, deze heeft Aziatische invloeden en smaakt daardoor weer heel anders.
Lekker bij een bbq of bij een Oosters getinte maaltijd, wij aten het bij spareribs, ook heerlijk.
Het recept komt uit Veg.

Ingrediënten voor 6-8 personen:

1 bosje lente-uitjes, boven en onderkant eraf, in stukjes
4 middelgrote wortels, geschild
1 kleine witte kool

Voor de dressing:

2 el sojasaus
1 el heldere honing
1 teentje knoflook, fijngesneden
1 el verse gember, fijngesneden
2 el witte-wijnazijn of rijstazijn
2 el sesamolie
2 el olijfolie

Voor eroverheen:

handvol korianderblad, grof gescheurd
limoensap

Bereidingswijze:

Doe de gesneden lente-uitjes in een grote schaal.
Snijd de wortel in dunne reepjes op een mandoline of rasp deze grof, doe bij de lente-uitjes.
Verwijder de buitenste lelijke bladeren van de kool en snijd hem in vieren.
Snijd de kool in zo dun mogelijk reepjes tot aan de stronk (deze wordt niet gebruikt).
Doe de kool in de schaal met wortel en lente-ui.
Roer voor de dressing alle ingrediënten door elkaar, de honing moet opgelost worden.
Giet de dressing over de groente en schep het goed door elkaar. Laat de salade 10-20 minuten staan, zodat de groente wat zachter wordt.

Dien de koolsalade op met de koriander en een scheutje limoensap.


zaterdag 28 juni 2014

Harde broodjes




Dit is ook weer een goeie van Paul Hollywood, uit z'n boek Bakken met Paul Hollywood.

Het sprak me direct aan omdat ik hier nog lekkere jeugdherinneringen aan heb van vroeger…
Zo rond 1970 ging ik met m'n ouders mee op een voor ons 'verre' vakantie.
Niks geen Turkije, Torremolinos of Bali maar helemaal naar de Eifel in Duitsland.
En zo gingen we dan vroeg van huis, een grote witte NL-sticker achterop de auto (dat mocht toen nog) en na een lange reis omdat het in die tijd allemaal nog niet zo snel ging, kwam je daar in de namiddag aan.
'NL' stond in Duitsland al gauw voor 'Nur Limonade' vanwege de altijd aanwezige oer-hollandse drang, niet te veel geld uit te geven…

We bivakkeerden daar zo'n 10 dagen in een hotel waar we 's morgens ontbeten en 's avond het warme avondeten gebruikten.
Dit was altijd een feest omdat die Duitsers weer heel anders aten dan wij, met Nudeln, Schweinebraten en diverse sausjes, misschien niet zo culinair maar wel erg lekker.

Bij het ontbijt hadden ze daar o.a. altijd heerlijke harde broodjes, ik kan ze nu bij wijze van spreken nog ruiken. Soms nog warm en dus heerlijk vers.
De buitenkant krakend krokant en van binnen mooi wit en zijde-zacht.
En dat met een beetje boter en jam… Een heel groot 'jammie-gehalte' !

Daar denk ik dus aan als het om harde broodjes of bolletjes gaat.
Het kan natuurlijk dat je als kind alles lekker vond waarvan je nu zult zeggen: 'Was dat 't nou ?'
Je smaak veranderd ook en misschien het brood van tegenwoordig ook wel…

Nu dus dit recept voor harde broodjes, het ziet er in ieder geval in het boek al heel lekker uit, maar gauw proberen dus.
Als ze lukken hebben ze een mooie goudbruine korst met een zachte witte kruim van binnen.

Ingrediënten

500 g patentbloem, plus een beetje om te bestuiven.
10 g zout
10 g instantgist
20 g zachte boter
320 g koud water

Doe de bloem in een mengkom, het zout aan de ene kant en de gist aan de andere kant. Voeg vervolgens de boter en driekwart van het water toe.
Kneed deze massa ongeveer 8-10 minuten met de hand of de machine, eerst langzaam en vervolgens nog een 5 minuten op middelmatige snelheid.
Ik heb het met de machine gedaan en dat ging prima zo.
Het deeg is eerst wat nat maar zal al spoedig zacht en glad worden.

Doe het deeg in een licht met olie ingevette kom en dek het af met een stuk plastic folie of een plastic douchemuts.
Laat het deeg nu 1 uur rijzen op kamertemperatuur. Volgens het boek mag het ook 2 uur of zelfs 3 uur zijn dus dat is vrij rekbaar.
Ik heb het 1 uur gedaan, in ieder geval tot het deeg ongeveer in volume is verdubbeld. Hangt een beetje van de temperatuur af, hoe warmer des te korter de rijstijd.

Leg het deeg op een bebloemd werkblad en vouw het enkele keren terug naar het midden totdat alle lucht eruit is gedrukt en het deeg soepel wordt.
Verdeel het deeg in 12 gelijke stukken van ongeveer 70 g.
Maak van ieder stukje deeg een bol door het met de kom van je hand over het werkblad te rollen. Na wat oefening komt de vorm vanzelf.

Leg de bollen voorzichtig met wat tussenruimte op 2 bakplaten, op bakpapier of een bakmatje.
Doe de bakplaat nu in een plastic zak maar deze mag het deeg niet raken.
Laat het geheel 1 uur rijzen totdat het deeg tweemaal zo groot is geworden.
Je kan controleren of het deeg goed gerezen is door er voorzichtig met je vinger in te drukken, het deeg moet dan langzaam terugveren. Bij mij was dat met een half uur bijna zover. Veert het niet meer terug, dan ben je te laat en zal het brood in de oven niet meer rijzen, eerder in elkaar zakken. Verwarm de oven intussen voor tot 220 gr C.
Zet ook een braadslede onder in de oven om op te warmen.

Bestuif de broodjes na het rijzen met wat bloem en maak bovenin met een scherp mes een kruis.
Vul de braadslede met kokend water en schuif de bakplaten in de oven.
Bak de broodjes gedurende 15-20 minuten tot ze goudbruin zijn en hol klinken.
Vaak rijzen de broodjes in de oven zelfs nog wel wat na.

Laat de broodjes als ze klaar zijn afkoelen op een rooster.
Lekker met boter en jam, het liefst zelfgemaakt natuurlijk!



donderdag 26 juni 2014

Koolrabi met remoulade en zalm




Koolrabi, wat te doen met koolrabi?
We hebben ze ook in de eigen tuin maar die zijn nog heel erg klein, deze heb ik meegenomen bij de Lepelaar. Ze zien er dan zo prachtig uit, zijn geteeld door de Lepelaar zelf dus geen foodmiles, voor ik er erg in heb ligt er één in mijn mandje.
Thuis gaat hij dan in de groentela, en daar ligt ie dan......
Gelukkig kun je een koolrabi goed bewaren, maar dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn.

We eten koolrabi eigenlijk meestal rauw of gegrild, lekker knapperig met een heerlijke smaak. Eerder maakte ik er deze gerechten mee, nu dit bijgerecht met zalm.

Het recept komt uit een boek van Gary Rhodes wat ik jaren terug van Evert heb gekregen. Het was een van de eerste kookprogramma's die ik zag en daar hoorde dit boek bij.
Ik heb er niet veel uit gekookt, ik vond het allemaal te moeilijk. Dit recept is daar een uitzondering op, niet moeilijk en erg lekker.

2 Personen als voorgerecht

Ingrediënten voor de koolrabi remoulade:

50 g mayonaise
1 tl dijonmosterd
1 tl kappertjes, fijngehakt
1 tl kleine augurkjes, fijngehakt
1 ansjovisfiletje uit blik of pot, fijngehakt
2 el slagroom
zout en versgemalen peper
1 middelgrote koolrabi, geschild
1 el bieslook, in ringetjes geknipt of gesneden

Bereidingswijze:

Pureer in een smalle beker de mayonaise met de mosterd, kappertje, augurk en de ansjovisfilets tot een gladde saus. Voeg de room toe en breng op smaak met peper en eventueel zout.
Rasp de koolrabi grof en dep hem droog met keukenpapier. Schep zoveel remoulade door de koolrabi om hem mooi bijeen te houden. Proef en breng zo nodig op smaak met peper en zout.

Nodig voor de zalm:

2 porties gefileerde zalm, zonder vel en graten
2 el olijfolie
bloem om te bestrooien
klontje boter
zout en versgemalen peper

Bereidingswijze zalm:

Verhit de olijfolie in een koekenpan.
Bestrooi de zalm aan de kant die bij de presentatie boven komt te liggen met wat bloem en leg hem met de bebloemde kant naar beneden in de olie.
Bak de vis zachtjes 6-7 minuten op laag vuur zodat hij licht kleurt. Bestrooi de vis met wat zout en peper en voeg een klontje boter toe.
Keer de zalmfilets om en bak deze nog 2-3 minuten of zo lang als je dat lekker vind, wij houden niet zo van erg glazige zalm.
Schep de bieslook door de koolrabi en verdeel deze over de borden. Leg de zalm ernaast en serveer meteen.